Een voor allen en allen voor de krakersvrouw!!

Inleiding
Eind oktober werd het onrustig aan de Amsterdamse Keizersgracht. Het gebouw de Groote Keyser dat al sinds het einde van 1978 was gekraakt door een groep krakers, was verkocht aan een projectontwikkelaar. Naar aanleiding van deze verkoop sprak de rechter het vonnis uit dat de Groote Keyser moest worden ontruimd. Dit schoot de krakers in het verkeerde keelgat. Ze maakten zich al langere tijd boos over de woningnood die Amsterdam teisterde en waren er dan ook fel op tegen dat een projectontwikkelaar de Groote Keyser zou veranderen in kantoorpanden of appartementen, waarvan er in Amsterdam al vele leeg stonden.

De laatste jaren was er namelijk sprake van veel leegstand in Amsterdam. Met name kantoorpanden en luxere appartementen waren de voorzieningen waar de vraag naar was afgenomen. Hoewel deze panden leegstonden was er toch sprake van een grote woningnood. In heel Nederland was de vraag naar woningen enorm gestegen en ook in Amsterdam was dit duidelijk zichtbaar. Jonge, pas getrouwde stellen en studenten konden bijna geen woning vinden. De luxere appartementen waren door de hoge kosten niet voor hen weggelegd en van goedkopere woningen waren er niet genoeg.

Het feit dat er veel panden in Amsterdam leegstonden, terwijl er zoveel mensen geen woning konden vinden, zorgden voor onrust onder een groep woningzoekende aan het eind van de jaren zestig. Zij kenmerkten zich doordat ze uit verschillende lagen van de bevolking afkomstig waren en allemaal nog op zoek waren naar een baan. Deze zogenoemde ‘krakers’ lieten zich niet op straat staan en begonnen in de lege panden te trekken. Dit ‘kraken’ werd een effectief middel om aandacht te trekken van de media en een gevreesde vorm van actie voor de gemeente. Hoewel de autoriteiten in het begin geprobeerd hadden de confrontatie met de krakers te vermijden, waren zij uiteindelijk gedwongen om toch met zwaar politiegeschut in te grijpen.

Confrontatie krakers en politie in de Constantijn Huygensstraat. Bron: E. Duivenoorden, Een voet tussen de deur. Geschiedenis van de Kraakbeweging 1964-1999.

De confrontatie tussen krakers en de autoriteit in Amsterdam was vaak landelijk voorpaginanieuws. De gemeente had haar handen vol aan de beweging die niet van plan was zich gemakkelijk uit de gekraakte huizen te laten zetten en ook de projectontwikkelaars verafschuwden de krakers. Maar hoe zagen deze krakers zichzelf en keken zij naar elkaar? Waren er bijvoorbeeld verschillende tussen mannelijke en vrouwelijke krakers? Om dit te onderzoeken zal er een analyse worden gemaakt van een kraakkrant van de krakers zelf. Het betreft Kraakkrant De Groote Keyser gaat door. De krant, die rond de kraak van de Groote Keyser werd uitgegeven bevat verschillende artikelen die een inzicht kunnen geven over hoe de krakers dachten. Hoewel de krant niet veel aandacht besteed aan de Groote Keyser zelf, laat deze wel goed zien in wat voor sfeer de ontruiming plaatsvond.

In het eerste hoofdstuk zal worden besproken wie de schrijvers zijn, wat zij deden en waarover zij schreven. Vervolgens zal er in het tweede hoofdstuk worden behandeld hoe de krakers naar ‘buitenstanders’ keken en naar hoe de verhoudingen tussen mannelijke en vrouwelijke krakers was, om zo te kunnen concluderen of zij verschillen zagen.

1.Kraakkrant: De Groote Keyser en haar redactie
Vanaf het jaar 1975 staken individuele krakers de koppen bijeen om samen de ontruiming van woningen aan de Nieuwmarktbuurt te voorkomen. Vanaf toen was er geen sprake meer van onafhankelijke krakers zoals voorheen, maar van een kraakbeweging die samen acties organiseerden. Deze kraakbeweging die voorheen nog individueel opereerde, ging zich al snel gedragen als een organisatie. Zij organiseerden bijeenkomsten om hun plannen te beramen en gaven onderling ook kranten uit om elkaar op de hoogte te stellen. Hoewel zij ook onschuldige acties uitvoerden, zoals het bedenken van alternatieve plannen voor projecten van ontwikkelaars en het opstellen van bezwaarschriften, werden hun acties gewelddadiger. Het werd zelfs zo erg dat de gemeente de Groote Keyser niet durfde te ontruimen uit angst voor dodelijke slachtoffers.

Kraakkrant: de Groote Keyser laat deze situatie en dreiging rondom de ontruiming van de Groote Keyser goed zien. De krant die in december 1979 verscheen was een extra editie. Met grote letters staat er op de voorkant ‘De Groote Keyser gaat door’ geschreven. Letterlijk geschreven, want de krant is nog een kladversie van wat het uiteindelijk moest worden. Dit is te zien aan de vele spelfouten die in de tekst zijn onderstreept, de deels geschreven en deels getypte artikelen en de voorkant die nog met potlood is getekend. Wat meteen opvalt is de oproep die de schrijvers van het tijdschrift op de voorkant van het tijdschrift hebben geplaatst: ‘Verder praten over de Keyser op donderdagavond 14 dec. Om ½ 9 in de huiskamer’. Hieruit blijkt allereerst dat de extra editie is uitgegeven vóór veertien december. Verder gaan de schrijvers van de krant ervan uit dat de lezers weten wat ‘de huiskamer’ is, omdat zij hier verder geen uitleg of beschrijving bij geven.

Voorpagina Kraakkrant: De Groote Keyser gaat door. Bron: IISG

De Amsterdamse kraker wilde vaak anoniem blijven. Zelden werd er een naam vermeld en als er al een naam aanwezig was, was dit meestal alleen de voornaam. Dit was van belang om uit handen van de politie te blijven. Deze anonimiteit is ook goed terug te zien in de kraakkrant. Het is aannemelijk dat de kraakkrant meerdere schrijvers heeft. Hoewel er niet expliciet een redactie wordt voorgesteld, wordt er wel telkens gesproken in de we-vorm. Ook worden er onder de artikelen in het tijdschrift alleen voornamen genoemd. De redactie lijkt de bestaan uit drie mannen en één vrouw. De schrijvers zijn Leo, Joost, Wijnand en Jolanda. De meeste stukken zijn al getypt met een typemachine. Opvallend is dat alleen de stukken die Jolanda heeft geschreven nog in geschreven vorm zijn opgenomen in deze versie van het tijdschrift. Uit het handschrift van Jolanda en het handschrift van de persoon die het tijdschrift heeft verbeterd, is op te maken dat Jolanda niet de persoon is die het tijdschrift heeft nagelezen.

Dat de redactie de stukken nog aan het nalezen was, wijst erop dat de kraakkrant nog niet was uitgegeven. Voor een deel van de artikelen was al een typmachine gebruikt, maar door de spelfouten moesten deze waarschijnlijk weer opnieuw. Kanttekeningen als ‘naam en telefoon van je avokaat komt nog. (heb ik met mijn stomme kop thuis laten liggen, terwijl ik nu in het stencilhok zit)’ wijzen erop dat er ook nog dingen misten die uiteindelijk misschien wel aan het tijdschrift zijn toegevoegd. De schrijvers lijken zich alleen te richten tot de krakers die al bij de beweging hoorden. Zij gebruiken termen als ‘de huiskamer’, ‘de keuken’ en ‘mensen van ons’ die erop duiden dat de lezer wist over wat voor locaties er werd gesproken en wie ‘ons’ was. Zij schrijven vrij toegankelijk en proberen vooral te informeren en activeren. Waar en met welke middelen de bron uiteindelijk gedrukt is, is niet op te maken uit de bron. Er wordt niet gesproken over een drukkerij of dergelijke.

De artikelen die geschreven zijn door de redactie leggen veelal de nadruk op hoe de schrijvers zich voelden in tijden dat zij werden opgepakt. Zij leggen uit hoe zij met deze gevoelens omgingen en hoe hardhandig er met hen werd omgegaan. Zij benadrukten hierbij dat de kraker zich op geen enkele manier moest laten kleineren door de politie. De redactie voegden hieraan toe hoe de kraker het beste met zijn gevoelens kon omgaan. Alle artikelen wijzen op ervaring van de schrijvers zelf die zij in deze krant uit de eerste hand hebben opgeschreven. Verder werd er ook uitgelegd wat een kraker stond te wachten wanneer deze werd opgepakt en naar de gevangenis werd gebracht. De schrijvers lijken de kraker te willen voorbereiden voor de komende ontruiming, hoewel zij dit niet expliciet benoemen. Uit het feit dat de redactie al praat over oppakken, politie, verhoringen en gevangenissen, lijken zij ervan uit te gaan dat het een grote confrontatie met de politie zou gaan worden.

Toch is deze uitleg van tactiek voor komende acties niet het voornaamste doel waarom de schrijvers deze extra editie hebben geschreven. Naar eigen zeggen wil de redactie een schaamtevolle achterstand inhalen. Zij vinden het verschrikkelijk dat zij nu pas een kraakkrant uitgeven terwijl de Groote Keyser allang ontruimd had kunnen worden. Zij willen met deze krant duidelijkheid creëren, waardoor de kraker en de krakersbeweging sterker zouden staan. Met deze visie is de krant duidelijk van de kraker, voor de kraker.

2.Vrouwen en de vijand
Het is duidelijk dat de krakers die deze krant hebben geschreven zich om elkaar bekommerden. Zij waarschuwden elkaar en gaven elkaar tips. Door zo te schrijven lijkt het alsof de schrijvers een gezamenlijke vijand probeerden te scheppen. De houding van de krakers naar buiten toe is dan ook erg opvallend. De schrijvers schreven heel negatief over iedereen die meehielp met de ontruimingen van panden. Politieagenten zouden op hun smoel geslagen moeten worden en ook projectontwikkelaars werden als tegenstander gezien. Ook het OGEM, dat veel panden in bezit had in Amsterdam was bij de redactie niet geliefd. Hierover werd vooral geschreven in het stuk waarin wordt uitgelegd waarom er volgens de krakers iets tegen de ontruimingen moest worden gedaan. Opmerkelijk is hierbij is de afsluitende lijst met nuttige adressen en telefoonnummers. Alle mensen die in het artikel negatief zijn afgeschilderd zoals de projectontwikkelaar en een OGEM-jurist staan in deze lijst vermeldt. Dat de schrijver deze telefoonnummers en adressen ‘nuttig’ vond, is opvallend. Blijkbaar was het voor de schrijvers van de krant niet nodig om toe te lichten waarom dit nuttig was en wie de personen waren.

De houding van de redactie naar buiten toe is niet alleen hatelijk maar ook wantrouwend. Al in het begin van de krant wordt er gewezen op het feit dat de kraker oplettend moet zijn. Er wordt beweerd dat een zogenoemde Paul van Wissen corrupt was. Hij zou een deal hebben gesloten met het OGEM. Van Wissen zou er geld voor hebben gekregen om namen van krakers door te geven. Krakers werden in de krant opgeroepen voorzichtig te zijn met informatie die zij kregen op bijeenkomsten. Zij moesten dit niet tegen mensen vertellen die zij niet vertrouwden. Ook blijkt de achterdocht uit een artikel van Joost. Hierin stelt hij zichzelf de vraag of het met al die infiltranten wel verstandig is om zo’n kraakkrant als deze uit te geven. Met ‘een kraakkrant als deze’ duidt hij op de plannen van de krakers die in de krant worden vermeld. Hij vond echter dat deze krant wel kon worden uitgegeven als het voor de lezer maar onduidelijk was wat de krakers verwachtten.

Het is duidelijk dat de redactie een vijandelijke en afstandelijke visie leek te hebben richting de geschetste vijand, zoals de OGEM, de gemeente, justitie en projectontwikkelaars. Toch lijken er binnen de kraakbeweging ook verschillen te zijn. Hoewel er in verschillende artikelen wordt geschreven over krakers als groep, zonder een hiërarchie binnen deze krakersbeweging, lijken krakers wel verschillen te zien tussen mannelijke en vrouwelijke krakers. Dit is te zien in twee artikelen die in de kraakkrant zijn geschreven.

Allereerst laat de mannelijke kraker, Wijnand zien wat het verschil was tussen hoe een mannelijke en hoe een vrouwelijke kraker werd behandeld. Hij begint met weer te geven wat er gebeurde met een kraker die werd opgepakt. Hij schetst de situatie van een gewelddadige opstand en vervolgens de politie die ‘de kraker’ meeneemt naar het politiebureau. Het onderscheid dat hij maakt tussen mannen en vrouwen maakt hij pas merkbaar bij het fouilleren. Een vrouw zou door de politie niet alleen harder aangepakt worden dan mannen, maar ook alleen in een cel belanden, grover gefouilleerd worden en zelfs langer worden verhoord. Dit zou volgens Wijnand komen omdat vrouwen worden gezien als zwakker en makkelijker te intimideren. Jongens die heel zenuwachtig reageren tegen de politie, en dus zwak en vrouwelijk overkomen, zouden ook op dezelfde manier worden behandeld. Wel voegt Wijnand hieraan toe dat hij het met deze andere benadering niet eens is.

Groep krakers die voornamelijk uit vrouwen bestaat. Bron: E. Duivenoorden, Een voet tussen de deur. Geschiedenis van de kraakbeweging 1964-1999.

Kraakster Jolanda schrijft een artikel over haar eigen ervaring als kraakster en merkt meteen een opmerkelijk verschil op. Ze schrijft dat hoewel vrouwen bij een kraak of een ontruiming vaak in de minderheid waren, zij toch vaker werden opgepakt. Zij verklaart dit zelf door het feit dat vrouwen makkelijker gepest kunnen worden. Als voorbeeld benoemd Jolanda haar medegevangene die geen anticonceptiestrip had meegenomen. Deze mocht zij van de mannelijke agent niet laten brengen of halen. Mannelijke agenten zouden volgens Jolanda niet snappen hoe belangrijk deze pil voor vrouwen was. Ook mochten vrouwen niet naar een normaal toilet en werden zij door de mannelijke agenten bespioneerd.

Hoewel de voorgaande beweringen vooral gaan over de verschillende benaderingen van mannen en vrouwen, merkt Jolanda ook verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke krakers op. Zo zouden vrouwen gevoeliger zijn dan mannen en hierdoor dus ook angstiger bij acties. Ze benadrukt hierbij wel dat dit niet inhield dat vrouwen niet mee moesten doen aan acties. Ze adviseert vrouwelijke krakers om andere vrouwelijke krakers op te zoeken. Deze kraaksters zouden veel steun bij elkaar kunnen vinden. Jolanda voegt hieraan toe dat het meedoen van mannen én vrouwen een punt is dat mee kan worden genomen naar de krakersvergadering.

Hoewel de bron heel duidelijk laat zien hoe de schrijvers dachten over het kraken en hun gevoelens heel uitgebreid op papier hebben gezet, is deze bron nog in geen enkel onderzoek gebruikt. Hier kunnen een aantal redenen voor worden bedacht. Allereerst betreft het hier een kladversie van één krant. Dit betekent dat de kraakkrant nog niet af was. De krant laat op enkele spelfoutjes na, weinig interessante kanttekeningen zien. Daarbij betreft het hier maar één kraakkrant. Dit geeft geen representatief beeld van de krakers die deze krant hebben geschreven. Hoewel het duidelijk lijkt dat de schrijvers krakers zijn, moet deze bron bekeken worden zonder meteen kennis hierop los te laten, zoals literatuurcritica Catherine Belsey beweerd. Daarom zijn zelfs de schrijvers van de krant onbekend en kan de krant daarom nog niet zijn gebruikt voor onderzoek. Ook is het  nog steeds de vraag of de kraakkrant daadwerkelijk is uitgegeven onder de krakers.

Conclusie
De kraakkrant van december 1979 laat zien dat krakers onderling het beste met elkaar voor leken te hebben. Ze gaven elkaar tips, spoorden elkaar aan om acties te ondernemen en indien dit escaleerde gaf deze krant instructies wat de kraker dan het beste kon doen. Hoewel de redactie beweerden dat de kraker volledig voor zichzelf moest weten of deze mee ging doen aan een gewelddadige actie, probeerde zij de lezer wel te activeren om mee te doen. Zij probeerden krakers te informeren met ervaringen die leden van de redactie zelf hadden opgedaan bij andere kraakacties en riepen de lezers op om naar de geplande vergadering te komen.

Allereerst kan worden opgemerkt dat de krakers die de krant geschreven hebben los gezien van onderlinge verschillen het over één ding eens waren: pas op voor buitenstaanders. Zij attenderen constant op de ‘slechte’ mensen die bijdragen aan de ontruimingen en maken zelf adressen en telefoonnummers van deze mensen in hun krant bekend. Aan deze buitenstaanders worden ook infiltranten toegevoegd. Nadrukkelijk wordt geschreven om op te passen met geheime krakersinformatie en niet elke kraker meteen te vertrouwen. De kraker kan zich namelijk anders voordoen dan wie zij werkelijk zijn.

Daarnaast merken de schrijvers van de krant ook verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke krakers op. Hoewel zij over het algemeen op dezelfde manier werden behandeld binnen de krakersbeweging, werden vrouwen anders benaderd door de politie. Dit valt zowel Wijnand als Jolanda van de redactie op. Wijnand voegt er wel aan toe dat hij het er niet mee eens is en lijkt het hiermee op te nemen voor de kraaksters. Echter kan er op basis van één artikel weinig worden gezegd over hoe mannelijke krakers naar vrouwen kijken. Jolanda daarentegen ziet wel aanzienlijk verschil tussen de mannelijke en de vrouwelijke kraker. Zij zouden gevoeliger zijn en daardoor zwakker. Ook zijn zij van nature al minder. Wel zoekt zij hier een oplossing voor. Vrouwen zouden samen moeten werken waardoor zij samen sterker zijn.

Echter kunnen er op basis van deze bron alleen weinig conclusies worden getrokken. De krant is op zichzelf niet representatief genoeg om te spreken voor de krakers als geheel. Hiervoor zou er grondig archiefonderzoek moeten worden gedaan, zoals de historici Simon Gunn en Lucy Faire aanraden. Door te kijken naar meerdere kraakkranten in deze archieven kan er beter worden gekeken naar hoe er aan de kraker werd geschreven. Ook is het interessant hierbij de verhoudingen tussen mannelijke en vrouwelijke te betrekken. In deze kraakkrant is het opmerkelijk dat er zelfs aparte artikelen aan gewijd zijn en titels luidden als ‘vrouwen en aksies’. Het is moeilijk te geloven dat ondanks de hervormingsgezindheid en de opkomst van vrouwenbewegingen in Nederland, er bij de krakers sprake was van volledige hiërarchie. Dat deze volledige hiërarchie er nog niet was, is terug te zien in de kraakkrant, maar kan uitgebreider onderzocht worden door meerdere kraakkranten te bestuderen om zo met meerdere inzichten een betere conclusie te kunnen trekken.

No votes yet.
Please wait...
Voting is currently disabled, data maintenance in progress.
Deel op social media

One Reply to “Een voor allen en allen voor de krakersvrouw!!”

  1. Historische context in de inleiding is kort verpakt in een beperkt aantal zinnen. Dit maakt het duidelijk voor de lezer. Ik vind het interessant dat je ervan tevoren voor kiest om te kijken naar de verschillende visies op de kraakbeweging van binnenuit. Hierdoor krijgt de lezer een goed idee van wat het doel van dit artikel is. De relevantie was niet helemaal duidelijk voor alle informatie in het eerste hoofdstuk. Je zou korter kunnen vertellen dat het hier gaat om een kladversie van het tijdschrift. Ik snap ook niet waarom het relevant is dat Jolanda de tekst niet heeft nagekeken. Wel is het goed dat je erbij schrijft waar je de conclusies vandaan haalt.
    Je hebt het er meerdere keren over dat het blad nog niet was uitgegeven. Het zou interessanter zijn geweest als je ook een gepubliceerde versie had. Deze had je kunnen vergelijken met de eerste versie. Op deze manier, snap ik de relevantie niet helemaal. Ik had het zeker in het stuk genoemd, maar dan in een of twee zinnen. Het stukje over de intenties van de schrijvers, aan het einde van je eerste hoofdstuk, vind ik goed. Je observaties zijn goed onderbouwd.
    Het tweede hoofdstuk, vond ik het sterkst. De zin ‘politieagenten zouden op hun smoel geslagen moeten worden,’ zou ik wel anders verwoorden. Tenzij het direct uit het krantje komt. In dat geval zou ik er aanhalingstekens voor gebruiken. Het stukje over het verschil tussen mannen en vrouwen vind ik heel sterk. Het is goed dat je een perspectief van een man en een perspectief van een vrouw hebt gekozen hiervoor. Ik had hier wel nog wat meer op voortgebouwd. Misschien waren er andere bladen, waarin verschillende visies duidelijk werden? Deze zou je er gerust bij kunnen halen.
    De relevantie van de plaatjes die je gebruikt heb, is mij ook niet helemaal duidelijk. In het tweede plaatje kan je goed zien dat het handgeschreven is, wat ook genoemd is in de tekst, dus dat is duidelijk. Maar de eerste en derde foto’s hoefden niet per se in de tekst te zitten. In mijn ogen, was het interessant geweest om een plaatje uit een ander nummer te zoeken, om te kijken wat je daaruit kon opbrengen. Zo kan je een plaatje echt in het artikel verwerken. Nu functioneren zij meer als decoratiestukken.
    Ik weet niet of er meerdere bronnen waren van die krant, of dat dit de enige was die je kon vinden, maar misschien was het interessant om jouw bron te vergelijken met andere stukken van De Groote Keyser. Misschien kon je deze kladversie vergelijken met de gepubliceerde versie. Of je kon er andere uitgaven bij halen. Het lijkt me namelijk moeilijk om aan de hand van een uitgave iets te vertellen over het hele blad. Misschien was het zo ook mogelijk geweest om grotere lijnen te ontdekken, die je had kunnen bespreken in de conclusie. De conclusie is nu namelijk onnodig lang. In het aantal woorden die je had, was er nog ruimte om wat meer onderzoek te doen. Dit had het tweede hoofdstuk ook nog sterker kunnen maken dan hij al was.
    Over het algemeen vind ik het een goed artikel. Ik zou het publiceren als er nog iets meer bronnen voor werden onderzocht van hetzelfde tijdschrift. Zoals je zelf al zei, is het lastig om aan de hand van twee stukjes tekst iets te zeggen over de visie van het tijdschrift als geheel.
    De opzet van de tekst vond ik wel heel goed. Je maakte in het begin duidelijk waar je over zou schrijven. Het is geordend en netjes. Wat ik ook goed vond, is dat je alle vragen uit de studiehandleiding beantwoord hebt. En wanneer dit niet mogelijk was, heb je uitgelegd waarom. De onderbouwing van je stellingen zijn helder en sterk.

    Er zitten nog enkele spelfouten en grammaticafouten in je tekst. Hieronder kun je een aantal zinnen vinden met kleine foutjes erin. Ik suggereer dat je CTRL+F gebruikt om de volgende zinnen te vinden in je tekst.

    – Eind oktober werd het onrustig aan de Amsterdamse Keizersgracht. Het gebouw de Groote Keyser, dat al sinds het einde van 1978 was gekraakt door een groep krakers
    -Jonge, pasgetrouwde stellen en studenten konden bijna geen woning vinden.
    – Het feit dat er veel panden in Amsterdam leegstonden, terwijl er zoveel mensen geen woning konden vinden, zorgden voor onrust onder een groep woningzoekenden aan het eind van de jaren zestig.
    – Waren er bijvoorbeeld verschillende tussen mannelijke en vrouwelijke krakers? Om dit te onderzoeken zal er een analyse worden gemaakt van een kraakkrant van de krakers zelf. Het betreft Kraakkrant De Groote Keyser gaat door.
    -1.Kraakrant: De Groote Keyser en haar redactie
    -De redactie voegden hieraan toe hoe de kraker het beste met zijn gevoelens kon omgaan.
    – Hoewel de redactie beweerden dat de kraker volledig voor zichzelf moest weten of deze mee ging doen aan een gewelddadige actie, probeerde zij de lezer wel te activeren om mee te doen.

    No votes yet.
    Please wait...
    Voting is currently disabled, data maintenance in progress.

Geef een antwoord